Het landschap als bondgenoot, vijand én oorlogsslachtoffer

In het landschap tussen Passendale en Ieper vond precies 100 jaar geleden de meest vernietigende en bloedigste slag uit de Eerste Wereldoorlog plaats. Tussen 31 juli 1917 en 10 november 1917 vielen er meer dan 450.000 slachtoffers omwille van een terreinverschuiving van acht (!) kilometer.

Door Carien Touwen

Tyne Cot 8Mijn bezoek aan het Memorial Museum Passendale 1917 en de nabijgelegen begraafplaats Tyne Cot zorgt ervoor dat ik iets beter begrijp wat er tijdens de Eerste Wereldoorlog gebeurde en hoe het aantal slachtoffers zo hoog kon zijn. Toch blijft het nauwelijks voor te stellen dat deze gruwelijke oorlog een eeuw geleden voor honderdduizenden mannen de harde werkelijkheid was. Dat hun leven zo eindigde.

De Slag om Passendale duurde 101 dagen en verwoestte niet alleen duizenden 28-Cover Boekmensenlevens, maar ook het landschap. Sterker nog, het landschap speelde een belangrijke rol in de successen, maar vooral in het bemoeilijken van de oorlog. Het boek Passendale 1917 – landschap in oorlog van Lee Ingelbrecht en de gelijknamige tentoonstelling in het museum laten goed zien hoe dit gebeurde.

De Duitsers dachten in België een snelle doortocht naar Frankrijk te maken, maar strandden in de Vlaamse Westhoek, waar de gevechten jarenlang doorgingen. Het vooroorlogse landschap van de Westhoek was groen en overwegend agrarisch, met veel akkers, moestuinen, beekjes en voornamelijk onverharde wegen. Het waterbeheer in de regio is lastig door een hoge grondwaterstand.

In de beginjaren helpt het landschap. De vele bosjes en gebouwen bieden goede dekking IMG_7015aan de verdediging en er wordt overal in kleine groepjes gevochten. Er worden grote verliezen geleden aan beide zijden. Al snel realiseren de partijen dat dit niet werkt en gaan ze over tot het verbeteren van hun stellingen. Er ontstaat een frontlijn die allerlei verschillende landschapselementen met elkaar verbindt en beide legers graven zich in. De loopgravenoorlog is begonnen.

Van eind 1915 tot het voorjaar van 1917 is er een rustigere periode aan het front en wordt het aantal loopgraven, schuilplaatsen en mitrailleursnesten flink uitgebreid. De Britten beginnen ook met het bouwen van talrijke deep dug-outs (letterlijk: ‘diep uitgegraven’). Deze schuilplaatsen worden een tiental meters onder de grond aangelegd en kunnen beschutting bieden aan 50 tot 200 manschappen. Ondanks het feit dat de gangen donker en vochtig zijn en vol ongedierte zitten, is de dug-out een veilige plek met enig comfort.

IMG_7081Tijdens de Slag om Passendale schiet de Britse artillerie het slagveld volledig kapot, om zo alle Duitse verdedigingslinies te vernietigen. Geen enkel element blijft gespaard en in enkele maanden tijd verandert de omgeving in een maanlandschap. Ook het afwateringssysteem werkt niet meer, waardoor het landschap een ondoordringbaar moeras geworden is. Bevoorrading duurt dagen, gewonden liggen dagenlang te wachten op hulp en brancardiers waren urenlang onderweg met een enkele gewonde.  

Deze barre omstandigheden hadden grote gevolgen voor de soldaten, voor zowel IMG_6959lichaam als geest. Niet alleen werden velen ziek (door voetrot bijvoorbeeld), hadden ze altijd honger en waren ze altijd nat, ook was er voortdurende angst: ieder moment kon er een bom vallen, ze moesten altijd terug naar het front en het geluid van bommen en geweren klonk altijd.

De uitgebreide museumroute leidt via vele memorabilia uit de oorlog naar een nagemaakte dug-out. Daarna brengt de route je naar buiten en sta je in een grote loopgraaf. Beide zijn indrukwekkende ervaringen.

IMG_7021Heel bijzonder is het bezoek aan de tijdelijk opengestelde echte dug-out, ook te vinden op het kasteeldomein Zonnebeke. Speciaal voor dit herinneringsjaar is deze opengesteld van 31 juli tot 10 november, dezelfde data waarop 100 jaar geleden de Slag om Passendale plaatsvond. Het is voor het eerst dat er een originele dug-out bezocht kan worden.

Eind november 1917 beginnen de British Tunneling Companies met het bouwen van de Zonnebeke Church Dugout, naast het puin van de verwoeste kerk. Dankzij de dikke funderingen en het puin van deze kerk is er een stevige bescherming tegen Duitse beschietingen en kan de dug-out al op vijf meter diepte worden gebouwd. De hoofdgang is 29 meter lang en er zijn diverse zijgangen en kamers. Dankzij de hoge grondwaterstand is de dug-out in perfecte staat bewaard gebleven; hout rot niet als het onder water staat en er geen zuurstof bijkomt.

Nu de dug-out is opengesteld, moet het hout dagelijks met veel water besproeid worden 55-3520om te zorgen dat het niet te snel rot. Er worden elke dag metingen gedaan om te controleren of de constructie wel houdt. Ook is er een pomp constant bezig om grondwater af te voeren. Je gaat naar binnen via de originele trap. In de dug-out is het donker en vochtig, precies zoals honderd jaar geleden. Het ruikt naar nat hout en grondwater. In deze natte poelen lagen soldaten te slapen, terwijl ratten en ander ongedierte langs en over hen liepen. En dan was dit een veilige plek…

Op 11 november, de dag van de Wapenstilstand, zullen de pompen worden verwijderd en gaat de dug-out voorgoed dicht. Het grondwater zal deze ruimte weer in bezit nemen. Wie weet wordt de dug-out over 100 jaar weer geopend, zodat ze ook dan met eigen ogen kunnen zien dat deze geschiedenis zich nooit mag herhalen.  

Lee Ingelbrecht, Passendale 1917: Landschap in oorlog, Uitgeverij Lannoo, 256 pagina’s (€ 29,99)

28-Cover Boek

Dit artikel verscheen eerder in de november-editie van BKMilitaireBoeken

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s